Krankzinnige bewering, maar niet eens nieuw.

Afbeeldingsresultaat voor Kuzu  afbeeldingen

‘Dolfje Weerwolfje’, oftewel Tunahan Kuzu van “DENK” heeft het record ‘zichzelf belachelijk maken’ weer eens gebroken: https://www.dagelijksestandaard.nl/2018/10/maffe-denk-doebers-beschuldigen-israel-van-antisemitisme/.

Je kunt het wenden of keren, maar de prestatie om Kamervragen te gaan stellen over het “antisemitisch” gehalte van uitgerekend de enige Joodse staat ter wereld, Israël, is niet eens kwaadaardig te noemen, niet eens lasterlijk; het is … niets. Hooguit hilarisch.

Het maakt de indruk, alsof hij ter plekke een willekeurige kreet uit de lucht plukt, louter, omdat hij zich ergens in zijn achterhoofd realiseert, dat die iets negatiefs, iets láákbaars uitdrukt, zonder dat de eigenlijke betekenis ervan tot hem doordringt, typerend voor de grootste onnozelaar. OF het is wel degelijk opzet van hem, in die zin, dat hij de Nederlandse samenleving in zijn geheel voor zó stompzinnig houdt, dat hij “denk”t, haar te beïnvloeden door in het wilde weg met ernstige beschuldigingen te komen, waarbij het niet uitmaakt, of die ergens op slaan, of niet. (Niet onmogelijk trouwens, dat zo’n manier van doen in het Turkse parlement de dagelijkse praktijk is, en daarbij nog succesvol óók; er is zéker iets verloren gegaan met Kemal Atatürk, één van de schaarse verlichte, reële politici uit de Turkse geschiedenis, maar enfin … )

Een andere mogelijkheid is nog, dat Kuzu-zelf vindt, dat de aantijging wèl op zijn plaats is, doordat hij op eigen gezag aan het woord een andere betekenis toekent: Dan zou dus het begrip ‘antisemitisme’ niet langer inhouden: tegen het Jodendom, maar juist “tegen de Palestijnen”, of, meer ver-algemeniseerd, “tegen de Islam”, wat in dát geval wonderwel zou kloppen. (Al weten we eveneens, wie dan in béide gevallen voor dat ‘antisemitisme’ aanleiding zou hebben gegeven, maar goed: Kloppen zóu het.) Het heeft er alle schijn van, dat de ‘Denk’- mannetjes niet alleen de ambitie koesteren om ooit nog eens heel Nederland aan het nieuw te vormen Kalifaat Turkije te onderwerpen, maar bovendien reeds een voorschot te nemen op de “newspeak”. – Zeker te veel Orwell gelezen (aangenomen, tenminste, dat ze dat ooit wel eens doen: lezen), waar we nu de gevolgen met eigen ogen van ondervinden. Maar voorlopig valt er althans nog smakelijk om te láchen.

Evenwel, laten we het ook weer niet overdrijven, want wist U, dat deze waanzin niet eens voor het eerst wordt gebezigd, laat staan door Kobold-Kuzu?

Laat me U uitleggen, waar het mij onmiddellijk aan deed denken:

We schrijven ca. jaren ’80, maar nog geen ’89, want de Muur was nog niet gevallen en de Sovjet-Unie nog niet afgeschaft – van vrij uitreizen uit dat imperium was op dat moment dus nog slechts bij hoge uitzondering sprake. Toch was het in dat tijdvlak voor hen, die vielen onder de categorie “Russische Joden” mogelijk gemaakt, om een emigratie-verzoek in te dienen met bestemming Israël – eenzijdig, weliswaar;de mogelijkheid tot terugkeer was er niet bij inbegrepen. Niettemin maakten grote groepen Russische Joden, of Joodse Russen, gebruik van deze mogelijkheid … om zich luttele maanden later alweer de haren uit het hoofd te trekken van spijt, omdat ze in de Israëlische samenleving niet bleken te kunnen aarden.

Velen verlieten stante pede Israël, maar strandden op hun terugweg in diverse west-Europese steden, doordat Rusland de poot stijf hield: De afspraak was geweest: Geen weg terug. Het weekblad Panorama bezocht zo’n gestrande groep in Wenen, om hun beweegredenen uit hun eigen mond te vernemen (titel van het artikel “Moedertje Rusland, vergeef ons”), waarbij pas duidelijk bleek, hoezeer deze mensen, in weerwil van eeuwenlange vervolgingen, pogroms en wat dies meer zij, zich de Russische manier van leven en denken hadden eigen gemaakt:

De klaagzangen over de westers-georienteerde Israëlische maatschappij waren niet van de lucht! Het varieerde van: “En als ik er aan denk, hoe goed we het vroeger in Rusland hadden…” tot: “Wat verlang ik terug naar Rusland, waar iedereen tenminste voor iedereen werkt.” En daar tussendoor viel er, naast de beweringen, dat zijzelf niet geaccepteerd werden door buren, collega’s e. d. en dat hun kinderen niet geaccepteerd werden door leraren en klasgenoten op school, het meer algemeen gestelde verwijt, “dat Israël doodgewoon antisemitisch was”. Eén formuleerde het trouwens waarschijnlijk nog iets juister, door bitter vast te stellen, dat RUSSISCHE Joden door de Israëliërs niet geaccepteerd werden, wat, gezien het bovenstaande, al een stuk geloofwaardiger overkwam, mede, omdat de oorzaak daarvan te vermoeden viel: Hier was ongetwijfeld sprake van tegengestelde denkwijzen en botsende mentaliteiten. Niettemin blijft het een feit, dat tevens in alle ernst met dat “antisemitisme” geschermd werd. Door Jóden in dit geval, wat nóg raadselachtiger genoemd kan worden, dan in het geval-Kuzu.

De beste verklaring is hier nog, dat bepaalde groeperingen (die overigens niets met elkaar te maken hebben) het begrip antisemitisme uitsluitend gebruiken om de beschuldigende vinger te richten op de Stáát Israël, zonder dat dit in hun optiek iets met Jodendom te maken heeft. Wie echter die mogelijkheid ook maar één seconde overweegt, realiseert zich, hoe lachwekkend die is.

Laten we het daarom tóch maar houden op ‘hilarisch’, zij het met mate: Tenslotte kan in deze tijd iedereen weten, hoezeer de gevaren van de ‘newspeak’ op de loer liggen, zeker voor dít begrip.

Door: Theresa Geissler.