De ‘smadelijke hoofddoek van Hennis’ of – iets met een pot en een ketel(?)

Door: Theresa Geissler.

Oké, het is weer eens zo ver: De zoveelste Nederlandse politica blijkt weer eens te zijn bezweken voor de neiging, om toch voorál de Islam te pleasen… zoals het de ware politiek-correcte betaamt:

VVD-vrouw Jeannine Hennis-Plasschaert bleek het nodig te vinden, de Iraanse ambassadeur te ontmoeten met een hoofddoek om. Weliswaar niet langer in de functie van minister, maar in haar nieuwe hoedanigheid als VN-afgevaardigde – wat, als je er even bij stilstaat, nog niet eens een verrassing mag heten: Ik bedoel maar: De VN …

Kaag en Ollongren gingen haar met deze dhimmitude al voor, en dan beiden wèl in de functie van minister. Misschien, dat die voor haar gevoel de spits al afgebeten hadden – en verder is het niets meer of minder dan het definitieve bewijs, dat Hennis gewoon uit hetzelfde hout is gesneden als zij:
– Ervan overtuigd, dat je het ‘goed’ doet, als je uit jezelf af en toe de eerste stap zet door de onderdanige rol aan te nemen. Ook al heb je op zichzelf met die hele Islam niets te maken en stijf je op deze manier alleen maar de Islamisten in het idee, dat ze dit van álle vrouwen ter wereld kunnen verlangen, niet alleen van de islamitische …
– Vervuld van het fijne gevoel in je hoofd, dat je het toch maar kunt opbrengen om zo verstandig, zo “tactisch” te zijn… Dat gevoel neemt daar zóveel plaats in, dat het feit, dat op hetzelfde ogenblik andere vrouwen hun verwoede pogingen om eens van die hoofddoekverplichting verlóst te raken regelmatig met hun leven moeten bekopen, geen moment tèlt.

En dat soort gaat dan door voor hoogopgeleide vrouwen in hooggeplaatste posities. Nu, ik heb er een andere aanduiding voor: Onnozele halzen. En om helemaal volledig te zijn: Verráderlijke onnozele halzen; zo ongeveer de dodelijkste combinatie.
Ook is nu definitief gebleken, dat dit soort in alle partijen kan worden aangetroffen, die niet op nationalistisch-realistische leest zijn geschoeid, alle gevestigde partijen, met andere woorden:
Kaag en Ollongren zijn D66’ers, Hennis is van de VVD. Maar dat blijkt hier dus niets uit te maken. En dat dergelijke kippen-zonder-kop dus in principe binnen alle gevestigde gelederen kunnen worden aangetroffen, zéker bij links, maar bv. ook bij het CDA of de CU, ligt voor de hand.

Een realistische inslag beschermt inderdaad wèl tegen dit soort leeghoofdigheid; daarin heeft Thierry Baudet met zijn venijnige tweet richting Hennis zeker gelijk: https://www.dagelijksestandaard.nl/2019/01/thierry-baudet-pakt-vvder-hennis-aan-een-hoofddoek-op-dat-zou-een-fvder-nooit-doen/
En niet alleen een FvD’er zou het nooit doen, voor een PVV’er geldt dat zo mogelijk nóg sterker -maar dat dan maar heel even terzijde. Het is hoe dan ook waar: Geen enkele volgelinge van welke realistische partij dan ook zou dit ooit doen. Dít niet.

En toch… en toch…
Dít niet dus. Maar hoe zit het dan met die impuls van een heel andere soort, waarvan wij allen enige tijd terug getuige mochten zijn? De impuls om als enige (!) in de Kamer een bepaalde motie van een bepaalde partij (DENK) te steunen, die aandrong op spoedige verbetering van de betrekkingen met Turkije, ondanks dat de zittende dictator aldaar ons land kort tevoren nog tot op het bot had beledigd…?

Dat DENK die motie indiende, hoefde bij niemand verwondering te wekken. Maar dat uitgerekend BAUDET zich geroepen voelde, hem te stéúnen … en dit dan desgevraagd uitermate slap te beargumenteren door te hameren op het belang van goede betrekkingen met Turkije, en als klap op de vuurpijl aan te raden, beledigingen maar “met de nodige humor” te beschouwen …

Dat heb i k nooit begrepen. En het is tot op de dag van vandaag niet duidelijk geworden, of de Heer Baudet daar nog steeds zo over denkt.
Maar voor MIJ was het vanaf dat ogenblik duidelijk, dat het FvD het voor mij niet was – ook al is het wel een ledenpartij:
Zo’n motie steunen staat gelijk aan een knieval maken – net als het omdoen van een hoofddoek. Dus in hoeverre heeft uitgerekend Baudet Hennis hier iets te verwijten?

Natuurlijk, als hij er rond voor zou uitkomen, dat hij intussen over de hierboven beschreven kwestie anders is gaan aankijken … Maar tot het zo ver komt, blijft zijn aanval voor mij iets hebben, dat weer te maken heeft met een pot en een ketel.

Dhimmitude doet zich voor in vele gedaantes en de kunst is, om het altijd te blijven herkennen … in de eerste plaats bij jezelf.

Door: Theresa Geissler.