RK Kerk en het verplicht celibaat

Door: George Berben.

De onderzoekscommissies die onderzoek moesten doen naar seksueel misbruik en
fysieke/psychische mishandeling van kinderen in RK Instellingen, hadden vanaf
het begin een breder mandaat moeten krijgen van Overheid en parlement.

“wie gelooft, wordt zalig” is een bekend gezegde en mogelijk wilde een deel van de Overheid en leden van de Tweede Kamer maar al te graag geloven – tegen beter weten in – dat alleen binnen de RK Kerk deze misdaden aan de orde van de dag waren.
Natuurlijk wisten ingewijden dat vooral seksuele rituelen ook voorkwamen bij andere religies, sekten, de sportwereld etc.

Het komt mij voor dat er iedere keer een nieuwe commissie in het leven wordt geroepen
op het moment dat er weer een deksel van de beerput wordt gehaald. Iedereen weet dat
shit altijd komt boven drijven.
Deskundigen mochten en mogen, tegen een riant maandsalaris, zitting nemen in de
diverse commissies en moeten de beerputten zien te dichten die niet meer dicht zijn te
houden.
Echter, de oorzaak van deze misdaden is geen halt toe te roepen als er geen besluiten
worden genomen die wellicht een deel van de problematiek zouden kunnen voorkomen.

Ik “mocht”een groot deel van mijn jeugd doorbrengen in Staatstehuizen en kinder-
Tehuizen waar religieuzen de knoet hanteerden.
In de jaren ’50 en ’60 van de vorige eeuw waren kinderen nog niet zo “Bij de tijd” als
de huidige generatie en de meesten onder ons hadden nog nooit gehoord van seksuele
voorlichting. Wat er vooral gebeurde in die tehuizen was het aan den lijve ondervinden
hoe onze opvoeders dachten over seksualiteit en hoe je dit in de praktijk kon uitvoeren.
Zouden er deskundigen op dit gebied zijn die er wel eens ernstig over hebben nagedacht
waarom er zoveel seksueel misbruik werd gepleegd in die inrichtingen?
Waarom werd er in die tehuizen door oudere kinderen gesproken over “zaaddrogerijen”
en “hunkerbunkers” als zij het hadden over de gebouwen waar onze opvoeders ook
woonden?

Onverkort houdt “Rome”vast aan het celibaat voor hun “werknemers en werkneem-
sters die intrede doen in een religieuze orde. Van de paus tot aan de monnik dienen zij
een gelofte van kuisheid af te leggen, maar vooral ook na te leven.
Daarna komen deze mensen, die zeker niet allen vrijwillig kozen voor deze “roeping”
terecht in een mannen of vrouwen gemeenschap waar zij dag in dag uit op elkaar zijn
aangewezen. Wie gelooft, dat in deze gemeenschap de kuisheid bewaard kon blijven
is zeer naïef te noemen.
Men moet wel een bijzonder mens zijn om zo sterk in zijn of haar schoenen te staan
om levenslang normale menselijke behoeften te kunnen onderdrukken.

Het kan in mijn visie dan ook niet waar zijn dat al die mannen en vrouwen die de taak
op hun schouders kregen om ook nog kinderen onder hun hoede te nemen, pedofiel,
pedoseksueel,homo of lesbisch waren. Nee, zeker niet allemaal maar een aantal onder
hen beslist wel. Echter ook zonder deze kwalificaties waren zij, voor wie het celibaat
ondraaglijk werd aangewezen op, niet eens heimelijke, verhoudingen met hun mede-
broeders en zusters. Door de aanwezigheid van de aan hen toevertrouwde kinderen
waren zij als de kat die op het spek werd gebonden.

Waarom houdt het Vaticaan zo halsstarrig vast aan het celibaat van hun priesters
en religieuzen? Worden zij daardoor betere mensen en kunnen zij daardoor beter hun
ambt uitoefenen? Mensen van mijn leeftijd of nog een generatie ouder zullen zich de
pastoor herinneren die,vooral in het zuiden van ons land, bij de mensen thuis kwam
en zich “met raad en soms met daad” bemoeide met de gezinsuitbreiding en hel en
verdoemenis preekte over voorbehoedsmiddelen. Tsja niet het spel meespelen,maar
wel de spelregels voorschrijven.

Andere kerkgenootschappen stellen hun geestelijk leiders wel de mogelijkheid om een
normale gezonde relatie aan te gaan waardoor zij niet beperkt worden in het mens zijn.
Ooit sprak ik tijdens mijn vakantie met een Grieks- orthodoxe priester die aan het werk
was in de wijngaard van de parochie. In zijn blauwe werkkleding was hij bezig met de
druivenoogst.
Hij werd geholpen door wat dorpelingen, zijn vrouw en twee van zijn
vijf kinderen. Het was een goed wijnjaar vertelde hij mij. Hij bracht de druiven in zijn
kleine vrachtwagentje naar de wijnfabriek en de opbrengst werd verdeeld onder alle
parochianen die meededen aan het project.
Als er een God bestaat denk ik dat dit zijn
bedoeling was en niet het mensen in een keurslijf dwingen van voorwaarden waardoor
men normale menselijke behoeften en liefde voor anderen moet onderdrukken.

Wordt het niet eens tijd om in te zien dat er verkeerde keuzes zijn gemaakt door het
Vaticaan en als er niets gaat veranderen het “laat de kinderen tot mij komen” ook in
De toekomst verkeerd zal worden uitgelegd?

Door het schrijven van dit artikel heb ik slechts mijn mening en gevoelens willen
Uiten van hetgeen ik heb gezien en heb ondervonden in mijn tijd als één van die
Kinderen die waren overgeleverd aan daders, die wellicht zelf ook slachtoffer waren
Van de situatie waarin ze terecht waren gekomen. De grote schuldige noem ik bij
Naam: het Vaticaan en zij die daar tot op de dag van vandaag misbruikers in
Bescherming nemen en star vasthouden aan hun gelijk!

Met dank aan Rob Meijer voor zijn inzichten en bijdrage in onze discussie.

George Berben

2 gedachten over “RK Kerk en het verplicht celibaat

  1. De helft van alle Nederlandse bisschoppen en kardinalen tussen 1945 en 2010 was betrokken bij seksueel misbruik binnen de katholieke Kerk. Vier (hulp-)bisschoppen hebben zelf kinderen misbruikt, zestien anderen beschermden pedofiele medewerkers. Dat schrijft de Nederlandse krant NRC na eigen onderzoek.
    In totaal waren twintig van de negenendertig Nederlandse kardinalen, bisschoppen en hulpbisschoppen tussen 1945 en 2010 betrokken bij misbruikdossiers in de katholieke kerk. De informatie komt van het meldpunt voor kindermisbruik in de katholieke Kerk, uit rapporten van een Nederlandse commissie die in 2010 en 2011 seksueel misbruik van minderjarigen in de kerk onderzocht en uit onderzoek van de krant zelf.
    Vier voormalige bisschoppen misbruikten zelf kinderen. Zestien anderen plaatsten priesters, nadat die kinderen hadden misbruikt, over naar andere parochies waar ze met een schone lei verder konden. Liep het daar weer mis, dan volgden opnieuw overplaatsingen, soms naar een ander bisdom in binnen- of buitenland.
    De kardinalen en bisschoppen hielden de affaires stil, lieten dossiers over ‘probleempriesters’ verdwijnen en bekommerden zich niet om de slachtoffers. Slachtoffers kregen ook te horen dat ze ‘geen engeltje in de hemel’ zouden worden indien ze het misbruik zouden bekendmaken.

    Like

Reacties zijn gesloten.