“Fatsoen…”

Door: Theresa Geissler.

Acteur-schrijver Joost Prinsen aan het woord in zijn vaste column in het Noord-Hollands Dagblad van deze morgen:

“Ik schrok erg.” (ik niet minder, bij het lezen van de hierna volgende regels) “In het journaal lieten ze Angela Merkel zien,die trilde over haar hele lichaam. Zij verklaarde later, dat alles weer in orde was na het drinken van drie glazen water…. -blablabla-….Ik schrok, want ik ben een overtuigd fan van Angela. Duitsland en Europa hadden het de afgelopen vijftien jaar een stuk slechter kunnen treffen. Ik vond haar altijd al een goede kanselier, maar na het befaamde ‘Wir schaffen das’ werd ik voorzitter van haar fanclub…..”

Dat we het maar weten. Na zo’n binnenkomer kunnen de volgende ontboezemingen al geen- of nog amper verwondering wekken:

– Boris Johnson als opvolger van May: “… de eerste, die ik zou uitnodigen op mijn verjaardag en de laatste, die ik als premier zou willen.”
– “In de Verenigde Staten zitten we al jaren met Trump opgescheept…”
– “Een jaar of vijf geleden was ik best tevreden met de wereldleiders in het westelijk halfrond. Berlusconi was opgehoepeld en Obama, Merkel, Cameron en Hollande waren nette mensen. En dat is voor een premier of president al heel wat.” (Smaken/inzichten verschillen!)
“Ik weet niet, wie Merkel gaat opvolgen” (Zucht. Annegret Kramp-Karrenbauer, meneer Prinsen. Al járen in voorbereiding. Als u voor de variatie ook eens de alternatieve- in plaats van alleen de mainstream media zou volgen, had u dat allang geweten.) “en de opvolging van May staat nog niet honderd procent vast. Macron geef ik het voordeel van de twijfel” (U zeker geen seconde afgevraagd, wat de Gele Hesjes eigenlijk dreef?) “maar ik ben bang, dat we er in de boreale wereld alleen maar op achteruit gaan.”

En, ‘vertwijfeld’: “Hoe kon het toch zo ver komen? Waarom hebben ze in de Verenigde Staten fatsoen vervangen door geschreeuw? Hoe kon in zo korte tijd de rustige Engelse democratie veranderen in een puinhoop?” (Klaarblijkelijk al die tijd de wereld aanschouwd vanuit een zorgvuldig gecreëerd vacuüm, zoals eertijds de existentialistische kliek van J. P. Sartre al pleegde te doen: Geen oog voor de economische chaos, waarin de VS na acht jaar Obama waren geraakt, evenmin als voor de gevolgen van de massale immigratie, geen oog voor de totale sociaal-economische misère, waarin om vergelijkbare redenen die “rustige Engelse democratie in die korte tijd was geraakt, bovendien nog geaccentueerd door de georganiseerde massa-verkrachtingen van, PRINCIPIEEL, niet-moslima’s door Pakistaanse bendes, de aanmatigende haatmarsen onder aanvoering van figuren als Anjem Choudary, die GB, en trouwens heel de wereld, onder de Sharia willen hebben….

Heeft allemaal kennelijk geen belang: Het enige, wat ons volgens “waarnemers” als Joost Prinsen te doen staat, is: ons blijvend en zonder verzet overgeven aan de ‘geneugten’ van de grenzen-loze multiculturele samenleving en ons impliciet onze identiteit, onze cultuur en onze economie laten afpakken, zolang het maar geschiedt door van die glimlachende, van tolerantie blákende, en, niet te vergeten, door en door “fatsoenlijke” wereldleiders. Dat is het allerbelangrijkste…

Een enkele gunstige uitzondering daargelaten is en blijft het met al die artiesten hetzelfde: Ze leven compleet in een beperkt ons-kent-ons-kringetje en hebben elkaar besmet met de grachtengordel-mentaliteit, om het even of ze daar feitelijk wonen, of niet. Tot nu toe had ik nooit een erg duidelijk inzicht in de deep-down levensopinies van Joost Prinsen, maar nu ik eenmaal iets, laat ons zeggen, ‘politiek-getints’ van hem onder ogen heb gekregen, durf ik ervoor te wedden, dat hij bijvoorbeeld – om maar twee dingen te noemen
– het geheel eens is met het afschaffen van de Zwarte Pieten-traditie;
– zich er volledig in kan vinden, dat de stad Amsterdam in 2020 door het stof gaat met het oog op een ‘slavernijverleden’ van ca. 200 jaar geleden.

Want dat is allemaal een kwestie van “Fatsoen”…

Oh ja: Om het allemaal even op het politieke vlak te houden: Ene Hendrikus Colijn gold tijdens de crisis van de jaren ’30 ook als een uiterst fatsoenlijk man: Trapte de toenmalige werkelozen met z’n sociaal-maatschappelijke verordeningen zo mogelijk nóg dieper de grond in en ontmantelde met z’n “politiek van het gebroken geweertje” ons leger, nog vóór de mobilisatie. En recentelijker werd Alexander Pechtold tot voor kort door z’n D66- aanhang geprezen, zo niet veréérd, om z’n “fatsoenlijkheid”…

Need I say more?

Door: Theresa Geissler.